Gepost op

Ho ho ho eens even

Ineens is het dan eind december. Ik kon me nauwelijks voorstellen dat het überhaupt kerst zou worden dit jaar, maar over zes dagen is het al zo ver. En die zes dagen zijn hard nodig want de kerstkaartjes moeten nog geschreven worden, het menu kan nog alle kanten op en de cadeautjes zijn nog niet gekocht, laat staan ingepakt.

Het geven van cadeaus met kerst is al ouder dan Sinterklaas en de kerstman samen. Het stamt zelfs uit een tijd dat kerst nog niet eens bestond! Zowel de Romeinen als de Germanen deden het al. In het oude Rome wisselden ze mooie takken en andere kleine geluksbrengers uit op het feest van zonnegod Mithras. En de Germanen ruilden midden in de winter voedsel met elkaar om het lengen van de dagen, en daarmee de terugkeer van het licht te vieren. Later werden er ook andere geschenken gegeven en kregen slapende kinderen een kleine verrassing van de god Odin.

Daarmee werd gelijk de basis gelegd voor een figuur die niet meer weg te denken is uit onze huidige viering van dit winterzonnewendefeest, de kerstman! Hoewel er meerdere ‘voorvaders’ zijn voor de kerstman, is onze Sinterklaas misschien wel de bekendste. Het feest ter ere van Sint Nicolaas wordt in ons land al sinds de middeleeuwen gevierd. Toen de Nederlanders in de 17e eeuw naar Amerika emigreerden, namen ze deze traditie natuurlijk mee. Afgesloten van de Nederlandse cultuur en onder invloed van onder andere de Britten veranderde er hier en daar wel wat. De naam Sinterklaas verengelste naar Santa Claus en verschillende – fantasierijke – Amerikaanse schrijvers maakten het achtergrondverhaal; een pijprokende beschermer die hoog boven de bomen rijdt; een goedlachse elf die in een slee vol speelgoed wordt voortgetrokken door acht rendieren. In 1860 plaatste illustrator Thomas Nast de kerstman op de Noordpool en het plaatje is compleet.

Fun fact
De rondbuikige, bebaarde, ho-ho-ho roepende man in rood-witte outfit die we nu kennen heeft zijn look te danken aan de slimme marketing mensen van Coca Cola. In 1931 wilde het merk de verkoop uitbreiden naar een jonger publiek, maar mocht het van de toenmalige wetgeving geen kinderen tonen die cola dronken. Dus maakten ze een vriendelijke Santa Claus die het zoete drankje aangeboden krijgt van een stel kindertjes. Inclusief dus een helderrood pak met een witte bontkraag (dé Coca Cola kleuren), naast een grote koelkast vol bruine flesjes en een grote zak vol cadeautjes.

Download gratis cadeaulabels
En over cadeautjes gesproken, heb jij ze al onder de boom liggen? In een mooi papiertje en met een deftige strik? Wat ik namelijk al wel klaar heb, zijn de labels om aan de pakjes te hangen. En omdat het (bijna) kerst is wil ik deze ook met jou delen. Via deze link kan je ze gratis downloaden. Print ze op een stevig papiertje, even met de schaar erlangs, lintje eraan en klaar. Veel plezier ervan!

Gepost op

5 Dingen om te doen met kerstkaarten

Blijkbaar bestaat er zoiets als Christmas card day, iets wat elk jaar op 9 december ‘gevierd’ wordt. Had ik dit geweten dan had deze post twee dagen geleden al online gestaan, maar helaas 😉

Christmas card day is in het leven geroepen om de ‘uitvinder’ van de eerste commerciële kerstkaart (in 1843), de Britse Sir Henry Cole te eren. En natuurlijk om iedereen eraan te herinneren dat de D in de maand is en dat het dus de hoogste tijd is om kerstkaarten te shoppen (bij voorkeur bij kleine, lokale ontwerpers/ondernemers) en aan het schrijven te gaan. Zeker nu kerst er vanwege de coronisatie anders uit gaat zien dan we zouden willen.

En hoe leuk is het om kerstkaarten te krijgen? Het is toch een klein feestje om die gekleurde enveloppen op je deurmat te vinden! De vraag is: wat ga je vervolgens met die kleine cadeautjes doen? Hieronder vind je vijf handige en creatieve tips.

Hang ze op
Hoe traditioneel het ook is, door je kerstkaarten op te hangen aan bijvoorbeeld een touwtje met paperclips, geef je ze gemakkelijk een plekje. Hang er hier en daar een takje groen tussen ter decoratie. En of het nou langs de leuning van trap, in de woonkamer boven de bank of op de deur van de wc is; elke keer dat je erlangs loopt word je even herinnert aan al die lieve wensen en mensen.

De boom in
Wil je je kerstkaarten een wat prominentere plek in huis geven tijdens de feestdagen, hang ze dan in de kerstboom. Maak met een perforator een gaatje in de linker bovenhoek, knoop er een mooi lintje of touwtje aan en decoreer je boom je ermee! Zo maak je je kaarten echt onderdeel van je kerstversiering en ziet je boom er net even wat persoonlijker uit.

Onder een stolp
Eerlijk is eerlijk; de ene kerstkaart is de andere niet. En dit bedoel ik puur esthetisch. Het is dus ook volkomen logisch dat je een favoriet hebt. Wil je deze nou echt een bijzonder plekje geven? Plaats em dan eens onder een glazen stolp. Met wat watten en een paar mini kerstballen maak je er echt een feestje van.

In een diorama
Door van je kerstkaart een diorama te maken, breng je de voorstelling een beetje tot leven (een klein beetje maar 😉 Maak een paar kopietjes van de kaart op dik papier en fröbel er met wat tijd, lijm, extra papier en een diep lijstje een diorama van. Dit kan je ook nog opleuken met lampjes, vondsten uit de natuur of miniatuur spulletjes. Geef em een mooi plekje in huis en laat je diorama lekker het hele jaar staan.

Een boekje
Er komt een moment in het jaar dat de kerstkaarten toch echt opgeruimd moeten worden (Bij mij vaak zo tegen Pasen). Wil je de kans vergroten dat je ze nog een keertje weer bekijkt, maak er dan een boekje van. Maak twee gaatjes in de lange kant van elke kaart en rijg ze aan een mooi lint of touwtje of koop metalen ringetjes. Van een mooi papiertje kan je een voorkant maken. Zo krijg je een mooie verzameling.

Veel plezier ermee!

Gepost op

Warme wijn voor koude dagen

Het is Pakjesavond! Als mijn dochter straks wakker is steken we lekker de open haard staan, staat er op magische wijze ineens een zak cadeautjes voor de deur en gaan papa en mama aan de warme wijn. Ik heb er zin in!

Zodra de temperatuur richting de nul gaat, komt hier de glühwein tevoorschijn. Of in het Nederlands gezegd, bisschopswijn. En zo zijn er nog een paar varianten te benoemen; zo drinken ze mulled wine in Groot Brittannië, vin chaud in Frankrijk, izvar in Roemenië en glögg in Scandinavië. In de basis allemaal hetzelfde drankje waar je lekker warm van wordt en rode wangen van krijgt, maar wel met kleine – regionale – verschillen.

Over het algemeen wordt er rode wijn gebruikt, voorzien van suiker, specerijen als kaneel, kruidnagel en citrusvruchten. In bisschopswijn vind je naast de specerijen alleen sinaasappel, terwijl in mulled wine en glühwein ook andere citrusvruchten gaan, zoals citroen. In glögg stoppen ze, naast bovengenoemde specerijen, gember en natuurlijk kardemom (probeer maar eens iets Scandinavisch te vinden zonder). En voor het opdienen worden er nog rozijntjes en amandelen aan toegevoegd. Onder andere in Frankrijk wordt de warme wijn gezoet met honing en in Roemenië gaat er zwarte peper bij in. In alle gevallen wordt het winterse drankje vaak afgetopt met een beetje cognac, amaretto of andere sterke drank, voor een extra kick.

De gewoonte om warme wijn met specerijen te drinken stamt zeker al uit de middeleeuwen, toen dronken ze hippocras. De legende vertelt dat deze drank werd uitgevonden door de Griekse dokter Hippocrates in de 5e eeuw v.Chr., maar in werkelijkheid komt de naam pas voor vanaf de 14e eeuw. Naast dat het gedronken werd bij banketten als aperitief, werd het door dokters voorgeschreven als medicijn.

Je kunt bij praktisch elke supermarkt (en de IKEA!) flessen kant-en-klare glühwein vinden. Even in een pannetje verwarmen en vooral niet laten koken want dan verdampt de alcohol. Maar je kan er ook wat langer de tijd voor nemen en het zelf brouwen. De specerijen kun je nog aanvullen met steranijs, een beetje peper of wat gember.

In de webshop vind je van dit recept een dubbele kaart met daarbij een kaneelstokje en wat kruidnagels, zo kan de ontvanger zelf aan de slag met het recept. En natuurlijk staan er hier ook een heleboel gezellige (emaille) mokken voor je klaar om de glühwein in te serveren. Leuk als cadeautje voor straks onder de boom!

Fijne avond!

Gepost op

Wel voor de poes

Morgen is het internationale Kattendag, en dat kan ik, kattenliefhebber die ik ben, natuurlijk niet zomaar ongemerkt voorbij laten gaan. Sinds 2002 is 8 augustus dé dag waarop je schaamteloos je liefde voor katten aan de wereld mag laten zien. Niemand zal je dus raar aankijken wanneer je met poezenoortjes op je hoofd de crazy cat lady gaat uithangen.

Als sinds de oude Egyptenaren is de kat niet weg te denken uit onze mensenlevens. Eerst als beschermer van de graanvoorraad door te jagen op ratten en later als gezelschapsdier op de schoten van bevallige Egyptische schonen. Sommige katten waren zelfs zo vooraanstaand dat ze na hun dood gemummificeerd werden. Bovendien werd hun godin van de vruchtbaarheid, Bastet, voorgesteld als kat. Maar met de komst van het Christendom werd die goddelijke status geschiedenis. Nu, 2000 jaar later, lijkt de kat populairder dan ooit! Mensen geven letterlijk honderden euro’s uit aan een krabpaal, het internet staat vol met kattenfilmpjes en op Instagram biedt #cat je maar liefst 214 miljoen plaatjes van dit eigenwijze en mystieke beestje.

Ook ik ben zoals gezegd kattenfan. Met twee pluizige huisgenoten, Saartje en Charlie, zijn onze schoten zelden leeg (maar wel voorzien van een tapijtje kattenharen). En over de levensstijl van katten, Catfulness, schreef ik al eens een blog.

Met oog op Internationale Kattendag hierbij vijf 5 tips om er een feestje van te maken.

Kattencafé Katdeau
Wil je je helemaal omringen met katten? Ga dan eens op bezoek bij Kattencafé KatDeau in Hengelo. Daar lopen vijf naaktkatten rond die zich maar wat graag door jou laten aaien. En je kan er nog lekker high tea-en ook. Eigenaresse Dominique bakt alles zelf.

CatVideoFest
Bij Concordia in Enschede wordt morgen CatVideoFest 2020 vertoond. Anderhalf uur lang kan je genieten van de leukste kattenfilmpjes van YouTube op het grote doek. En bonus bij deze hitte: er is airco!

Kattenfilms
Geen zin om de deur uit te gaan? Via bijvoorbeeld iTunes kan je lekker thuis de bijzondere film Kedi kijken, waarin een aantal katten in Istanbul ‘gevolgd’ worden. Ook de moeite waard vanwege de prachtige shots van de stad. Of kies voor A street cat named Bob, gebaseerd op een waargebeurd verhaal.

Nieuw huis
Hoewel katten nu erg populair zijn, zitten de asielen helaas ook vol met deze diertjes. Dus wil je echt een verschil maken, geef er dan eentje een nieuw forever home. Wat denk je van Katty? Of van Rheza?

Kattige spullen
De kat is al jaren iets dat terugkomt in mijn illustraties, soms op de voorgrond, soms subtiel achter een raam. In mijn webshop heb ik een speciale katten-gorie gemaakt met alle kattenspulletjes bij elkaar.

Maak er maar een gezellig dag van morgen!

 

 

Gepost op

Over regisseurs en films

Naast mijn eigen bedrijf, werk ik op de marketing- & communicatieafdeling van Concordia Film | Theater | Beeldende kunst in Enschede. Ik ben daar voornamelijk bezig met projecten, zoals exposities, en met een stukje film.

Soms moet ik er even aan herinnerd worden – het is zo makkelijk tegenwoordig om je uren te verliezen in een serie – maar, ik houd heel erg van films. Tis toch ook magisch om je twee uur lang in een (evt. andere) wereld te bevinden, waar alles mag en kan, en dat het na die twee uur dan ook klaar is. Soms een open eindje, of een sequel (en dan nog één en dan nog één), maar dat is te overzien. Vind ik.

Bij Concordia kan je onder andere terecht voor mooie, fijne, soms kleine, arthouse films. En dat is een genre waar je van moet (leren) houden. Mijn man vindt het vaak een beetje saai, want er doet zich niets noemenswaardigs voor. En het klopt dat er weinig grote explosies, wilde achtervolgingen en heftige vechtpartijen voor komen in de films die ik graag kijk. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat er niets gebeurt! De actie zit meer in de relaties die mensen met elkaar aan gaan en in wat er in de hoofden van de karakters omgaat. En het zijn echt niet per definitie moeilijke films.

Van een aantal regisseurs ben ik al jaren fan en kan ik niet wachten tot de volgende op het witte doek verschijnt.

Uit The Grand Budapest Hotel – Wes Anderson

Ken je bijvoorbeeld Wes Anderson? Ik vind zijn werk vrij fantastisch. Vooral de opmerkelijke karakters en de sets. Het ziet er fantastisch uit; veel (pastel-)kleuren, decors die zo uit de jaren veertig of vijftig lijken te komen en het al allemaal heel symmetrisch. Ik zou in (bijna) elk van die sets wel willen wonen. Hij maakt ook vaak gebruik van dezelfde fijne acteurs, zoals Bill Murray en Tilda Swinton (die ook weer vaker spelen in films van andere regisseurs in dit lijstje). Echt een favoriete film heb ik geloof ik niet. The Royal Tenenbaums, Moonrise Kingdom, The life aquatic with Steve Zissou, The Grand Budapest Hotel, kijk ze gewoon al-le-maal. Spreekt de stijl je aan, volg dan ook het Instagram account Accidental Wes Anderson, echte plaatsen die er uitzien alsof ze rechtstreeks uit een Wes Anderson film komen.

Jim Jarmush is een regisseur van een hele andere orde. Zijn films spelen zich vaak een beetje aan de rand van het leven af – verhalen die je in de ooghoeken voorbij ziet komen. Bijvoorbeeld Paterson  – over een buschauffeur die Paterson (Adam Driver – ik maak geen grapje) heet en in het plaatsje Paterson woont. Of Broken Flowers – over een man (Bill Murray) die bij zijn exen langs gaat op zoek naar de moeder van zijn kind. Kleine verhalen op de schaal van de wereld, maar fijn gefilmd en geacteerd. O en kijk vooral ook Only lovers left alive.

Dan is er nog Sofia Coppola. Zij regisseerde onder andere Lost in translation (goh weer met Bill Murray), The Virgin Suicides en Marie Antoinette (beide met o.a. Kirsten Dunst). Vooral die laatste heb ik heel vaak gezien. Wat mij zo aanspreekt in deze film is dat het een kostuumdrama is, maar dan anders. Een zoete maar ook uitdagende versie van het leven van Marie Antoinette, met over de top kleding en haar, stapels pastelkleurige taartjes en gitaarmuziek.

Marie Antoinette – als kaartje verkrijgbaar in de shop

En om het rijtje ‘lievelings-regisseurs’ nog even verder af te maken – in willekeurige volgorde:

  • Noah Baumbach: Marriage Story – The Meyerowitz Stories
  • Greta Gerwig (ook als actrice!): Lady Bird – Little Women
  • Woody Allen: A rainy day in New York – Café Society – Magic in the moonlight – Midnight in Paris

Het schijnt dus dit weekend niet zulk lekker weer te worden en aantal films staat ook op Netflix of is te huur. Have fun!

Gepost op

Kinderboekenliefde

Een van de bijkomende voordelen van het hebben van een kleintje vind ik de groeiende stapel prentenboeken in ons huis. Nou moet ik bekennen dat er al een zekere verzameling in mijn kast stond voordat er ook maar sprake was van een baby; nu grijp ik elke gelegenheid aan om de collectie uit te breiden. Want man wat zitten er toch kunstwerken tussen! De verhalen an sich zijn simpel, en dat is logisch want die kleine breintjes moeten het wel kunnen begrijpen. Al gaat het soms wel over de Grote Dingen in het leven. Of er staat helemaal geen tekst in, zodat je je eigen verhaal kan bedenken. Maar de illustraties zijn af en toe om je vingers bij af te likken, de één nog mooier en bijzonderder dan de ander. Ik vind het echt een kunstvorm; kan je zo aan de muur hangen.

Hieronder een aantal van mijn favorieten, eigenlijk allemaal boeken met illustraties zo mooi dat ik ze liever uit de grijpgrage pindakaashandjes van mijn mini houdt. De lijst is niet genummerd maar in willekeurige volgorde. Kiezen is veel te moeilijk 😉

Home van Carson Ellis
Dit mooie grote boek laat zien dat heel veel dingen iemands thuis kunnen zijn. Een huisje op het platteland, een paleis of een schoen. Met mooie, herkenbare, waterverf illustraties in zachte maar niet zoete kleuren. Elke pagina is een feest voor het oog en zet je aan het fantaseren over hoe het er van binnen uit ziet en alle dingen waar mensen en dieren in kunnen wonen.

Waar geluk begint door Eva Eland
Wat een fijn boekje is dit, een beetje filosofisch want het gaat over geluk. Over de ongrijpbaarheid ervan, dat je soms even niet gelukkig kan zijn en dat dat ok is, omdat geluk altijd wel weer een weg vindt. Het kleurgebruik in de illustraties, die het midden houden tussen zeefdruk en potloodtekening, is heel fris en fijn. Zowel qua tekst als tekening leuk als cadeautje voor kleine en grote mensen.

De vos en de ster door Coralie Bickford-Smith
De kaft alleen al; donkerblauw linnen met witte bedrukking. En van de binnenkant maakte mijn illustratiehart een sprongetje. De illustraties en het kleurgebruik spelen een leidende rol in het verhaal, dat gaat over verlies, rouw, loslaten en opnieuw beginnen. Ik wil er eigenlijk niet te veel over zeggen, behalve dan dat je dit echt in de kast wil hebben.

Samen hier van Oliver Jeffers
Dit boek kregen we van een goede vriend toen Annika er nog niet was. De schrijver maakte het vlak nadat zijn zoontje geboren was en ik snap hem helemaal. De boodschap is universeel: ‘Welkom op aarde. Dit kan een verwarrende plek zijn, vooral als je er nog maar net bent. Dit boek kan je gids zijn bij de start van je reis. Je zult zelf nog veel meer ontdekken.’ De illustraties van het universum en alles eromheen zijn fantastisch. Deze man raakt precies de juiste snaar met humor en ontroering (in ieder geval bij mij als verse ouder). Zijn andere boeken, bijvoorbeeld Die eland is van mij, zijn ook zeer de moeite waard.

Alice in Wonderland door Lewis Carroll – illustraties Floor Rieder (of eigenlijk alles geillustreerd door Floor Rieder)
De tekst is het welbekende verhaal met het konijn dat altijd te laat komt, de gekke hoedenmaker en waarin gecroquet wordt met levende flamingo’s. Maar Floor Rieder veranderde Alice van een braaf blond Disney figuurtje in een blauwe jurk in een stoere meid met hoedje, gympies en een bril. De illustraties doen denken aan houtsneden, maar zijn met een pennetje gekrast in met zwarte gouache bedekte glasplaatjes die op een lichtbak liggen. Een oude techniek, die bewerkelijk klinkt, maar gezien het resultaat wel de moeite waard is.

En tot slot natuurlijk de complete oeuvres van Fiep – Jip & Janneke – Westendorp en van de Zweedse Ingela P. Arrhenius, want lekker retro.

Deze selectie komt uit de boeken die we zelf hebben, maar mijn verlanglijstje is nog lang. Zo heb ik gisteren De jongen, de mol, de vos en het paard besteld, van Charlie Mackesy. Vanmiddag in de brievenbus, dus wordt vervolgd.

En wat zou ik graag zelf een prentenboek maken. Het liefst ook bij mijn eigen verhaaltje, maar er is altijd een maar zo lijkt. Geen tijd, geen inspiratie, te veel inspiratie “als ik het verhaal en de illustraties ga maken, kan ik alle kanten op” en dan kan ik dus niet beslissen. Maar nu is er Nini en het blauwe maantje, dus wie weet komt het er toch ooit van.

Gepost op

Lievekesdag

“Het begon met steelse blikken tijdens de lessen wiskunde van meneer Janssen en het eindigde in tranen met tuiten achter in het fietsenhok. Maar tussendoor was daar de kaart met de rode envelop die ik op 14 februari 1998 in mijn kluisje vond. ‘Je weet wel van wie’, stond er in een jongensachtig handschrift in gekriebeld. En of ik dat wist. Natuurlijk lag er ook een kaart met een rode envelop in zijn kluisje. Hoewel zorgvuldig uit gezocht bij de lokale boekenwinkel, kon de kaart helaas niet voorkomen dat hij drie weken later met ander meisje de lente ging vieren.”

Van de meeste feestdagen die we in Nederland vieren kan je over het algemeen wel vertellen wat je nou precies viert. Maar hoe zit dat met de dag van Sint Valentijn? De dag van de romantische (geheime) liefde?

Het zal geen verrassing zijn dat Valentijnsdag, Lievekesdag in het Vlaams, van oorsprong geen Christelijke uitvinding is. In de tijd van de Romeinen werd op 15 februari de Lupercalia gevierd. Hiervan wordt aangenomen dat het een feest was ter ere van de beschermgodin van de vrouw en het huwelijk, Juno, en van Pan, de god van het woud, het vee en het dierlijk instinct. Het was een wild vruchtbaarheidsfeest. Ongehuwde mannen trokken de naam van ongehuwde vrouwen uit een kom, en zij waren zo een koppel gedurende het feest (en wie weet ook daarna…). Ook werden er riemen van geitenhuiden gemaakt, waarmee de mannen al zwaaiend door de straten gingen; een tik van de riem zou de vruchtbaarheid ten goede komen.

De Kerk vond het vanzelfsprekend geen goed idee dat het volk er zulke heidense en perverse gebruiken op na hield en ze kwamen met een alternatief in de vorm van Sint Valentijn. Voor de zekerheid zelfs twee! Een priester in Rome en een bisschop in Terni. De één wilde de Romeinse keizer Claudius II bekeren tot het Christendom. Daar was de keizer niet van gediend en Valentijn verdween achter de tralies. Terwijl hij daar zat kreeg hij warme gevoelens voor de blinde dochter van één van de cipiers, en hij zorgde ervoor dat ze weer kon zien. De avond voor zijn dood schreef hij haar een briefje, ‘Vaarwel, jouw Valentijn’. De andere Valentijn hielp door de Romeinen gevangen genomen Christenen, maar ook dat was niet de bedoeling. Er gaat zelfs een verhaal dat één van de Valentijns in het geheim clandestiene christelijke huwelijken sloot tussen de soldaten van de keizer en hun geliefdes. De keizer had een wet opgesteld waardoor de soldaten niet mochten trouwen, want ze waren betere soldaten zonder vrouw. Van deze wet is echter geen historisch bewijs gevonden.

De koppeling tussen Sint Valentijn en de romantische liefde zoals we die nu kennen kwam pas aan het eind van de veertiende eeuw. Geoffry Chaucer schreef For this was on St. Valentine’s Day, when every bird cometh there to choose his mate. Nou is half februari wat vroeg voor vogeltjes om hun nest te bouwen, maar het idee was geboren. In navolging van Chaucer schreven onder andere de hertog van Orléans (1415) en William Shakespeare (1600-1601, in Hamlet) erover.

En toen zij dat eenmaal deden was het hek van de dam. Zoals wij nu websites hebben voor Sinterklaasgedichten was er aan het eind van de 18e eeuw in Engeland The Young Man’s Valentine Writer, met suggesties voor romantische regels voor minder begiftigde verliefde mannen. Toen in de 19e eeuw de post gereguleerd werd, kwamen er voorgedrukte Valentijnskaarten.

Vandaag de dag zijn de kerstballen de winkel nog niet uit of er is al geen ontkomen meer aan het roze, de hartjes, de snoepjes en de roze hartvormige snoepjes.

De een verafschuwt de dag van Sint Valentijn, maar de ander (waaronder ikzelf) geniet elk jaar weer van de zoetigheid rondom Lievekesdag. Mocht je nou nog last minute op zoek zijn naar een Valentijnskaartje, kijk dan even hier. Krijg je d’r ook nog een gratis postzegel bij.

Bronnen: Wikipedia & Een jaar vol feesten van Bart Lauvrijs

Gepost op

Over schrijven en schrijvers

Al heel lang wil ik ooit schrijver worden. Een echte boekenschrijver wel te verstaan, denk literaire roman of iets in het fantastische genre. Het lijkt me zo tof om een boekenwinkel binnen te gaan, bij voorkeur in een wildvreemde stad, en daar dan een stapeltje boeken te zien liggen met mijn naam op de kaft.

Op een zeker moment in mijn schoolcarrière wilde ik de daad bij het woord voegen en Nederlands gaan studeren in Groningen. Maar mijn havo diploma en twee halve propedeuses van bovendien verschillende opleidingen waren niet voldoende om toegelaten te worden tot de universiteit.

Af en toe steekt deze droom zijn hoofd weer om de hoek; nagenoeg elk jaar als het herfst wordt én bij het lezen van een boek geschreven door Ronald Giphart. Van de manier waarop hij woorden gebruikt krijg ik instant schrijfinspiratie, of het nou gaat om een blog zoals deze of voor elke willekeurige andere tekst die uit mijn pen (toetsenbord) moet komen.

Deze man is in zijn eentje* verantwoordelijk voor het vullen van bijna een halve plank in mijn boekenkast, met dertien boeken.

Mijn liefde voor Ronald begon rond het jaar 2000 denk ik, toen we in de vierde klas boekverslagen moesten maken. Met ‘Phileine zegt sorry’, ‘Ik ook van jou’ en ‘Giph’ ging er een wereld voor me open. Want het ging over het leven, over schrijver worden en over literatuur. Over liefde en ook over seks, maar dan wel functioneel want ook dat is het leven. Ik zou nu graag met wat mooie voorbeeldzinnen van zijn hand mijn punt kracht willen bijzetten, maar dan moet ik A. kiezen en B. een zin uit zijn context halen.

Alle tijd
Via Storytel (wat een uitvinding) ben ik nu de laatste Giphart ‘Alle tijd’ aan het luisteren. Wat een heerlijk boek weer. Onderweg in de trein of de bus zit ik dan soms lekker hardop te genieten. Wat mij opvalt is dat (en ik ben natuurlijk geen echte literatuurkenner) er ruim twee decennia zit tussen zijn eerste werk en zijn laatste boek, het is nog steeds typisch Giphart, maar je merkt wel dat hij ouder (volwassener) is geworden ofzo. Het thema vriendschap speelde altijd al een belangrijke rol, maar nu ook de hoofdrol. In plaats van een jongeman met bovenmatige interesse in literatuur die bij tijd en wijle toch vooral zijn *** achterna loopt. Nou ja, dat dus.

Op dit moment heb ik niet de tijd of de ruimte in mijn hoofd om met een boek aan de slag te gaan. Maar gelukkig kan ik hier naar hartenlust spelen met taal. Gewoon schrijven om het schrijven, om mijn verbazing en verwondering voor de wereld en al haar bijzondere bewoners te uiten en te delen. Verhalen vertellen, fantasie of non-fictie, blijft toch mijn ding. Mocht je behoefte hebben aan een blog of andere tekst, ik schrijf ook in opdracht.

(*Een eerste plaats die hij overigens wel moet delen met Rascha Peper. Wat ik zo fijn vind aan haar boeken, zijn de personages. Ze hebben bijzondere beroepen, van oceanograaf tot ornitholoog en van een historicus met een fascinatie voor de laatste Russische tsarenfamilie tot een handelaar in zandkastelen. Er is altijd iets met ze aan de hand, wat ze enerzijds een beetje vreemd en anderzijds heel kwetsbaar maakt. Zo mooi!)

Gepost op

Vegan bakken is een eitje

Vorig jaar oktober heb ik een schrijf proefopdracht gedaan voor een bedrijf dat duurzaam leven gemakkelijk en betaalbaar wil maken. Het onderwerp was vegan bakken, iets waar ik zelf weinig kaas van had gegeten. Maar na een klein onderzoekje blijkt het een eitje te zijn!

O de lucht van appeltaart in de oven of de aanblik van een punt cheesecake die op je staat te wachten in koelkast. Zo met de winter buiten, vind ik het heerlijk om m’n schort voor te binden en aan het bakken te gaan. Maar als je veganistisch wilt eten, betekent dit dat je bepaalde producten niet zult gebruiken, denk aan simpele dingen als roomboter, eieren en melk. Maar ook de wat minder voor de hand liggende zaken waaronder honing en gelatine. Daarbij hebben veganistische baksels vaak de reputatie om ‘zwaar’ te zijn. Hoe zorg je er nou voor dat je toch de keukenprins(es) kunt uithangen en ook nog wat lekkers uit de oven tovert?

Het alternatieve circuit
Soms is het gelukkig niet zo moeilijk, want voor veel dierlijke producten zijn tegenwoordig goede plant-based alternatieven te koop. Plantaardige margarine in plaats van roomboter, soja- of amandeldrink als alternatief voor melk en honing vervang je bijvoorbeeld door agavesiroop. Stuk voor stuk producten die je in dezelfde hoeveelheid kunt gebruiken als in het originele recept.

1 Ei is geen ei
Bij eieren gaat het één op één vervangen van dierlijke met plantaardige producten niet op. Eieren komen om verschillende redenen in een recept voor; om je cake mooi luchtig te maken en te laten rijzen of om te binden. Afhankelijk van het doel kan je gepureerde banaan, gebroken lijnzaad met water of bakpoeder met wat azijn gebruiken. Allemaal producten die je gewoon in de supermarkt kunt kopen.

Gelatine, gemaakt uit de huid en beenderen van onder andere varkens, is een bindmiddel om taart of pudding stevig te maken. Vegan alternatief agar agar vindt de oorsprong in algen en is stiekem twee keer zo sterk als gelatine. Win win! Je vindt het in poedervorm bij de toko en de natuurvoedingswinkel.

Andere koek
De kunst van vegan bakken zit ‘em niet in het perfect namaken van cheesecake, want dat gaat gewoonweg niet. Probeer daarom de focus op andere ingrediënten te leggen; maak citroen de ster van je cake of ga helemaal los met cacao en kokos voor een mooie veganistische chocoladerol.

Pinterest blijkt vol te staan met lekkere plant-based bak inspiratie, en ook in de boekhandel ben je wel even zoet met boeken van onder meer Dosia Brewer (Dosia bakt vegan), Emma Herngreen (Funky Vegan bakboek), Food Bandits (Andere koek) en Audrey Fitzjohn (Vegan bakken).

Bake it away!

 

 

Gepost op

Zweedsheid aan de muur – deel II

Inmiddels is het gewone leven weer begonnen en heb ik zomaar tijd gevonden om daadwerkelijk deze blog te kunnen schrijven over de resterende maanden van de Studio Kvinna kalender van 2020. Vorige week kon je al lezen over onder andere Stockholm en fika, hierbij de rest!

Februari – Samen
Vorige week noemde ik de Samen al, de oorspronkelijke nomadische bevolking van Lapland. Noem deze mensen vooral geen Lappen, want dat zien ze als belediging. Ze wonen in Noorwegen, Zweden, Finland en Rusland. Een deel van de Samen volgde traditioneel de rendierkudden, voor hun melk, vlees en huiden. En die huiden gebruikten ze weer voor tenten en lekker warme kleding, zoals op deze illustratie.

April – Scherenkust
Scherenkust is een gebied met ondiep en vaak brak water en talrijke, meestal kleine rotsachtige eilanden, scheren genoemd. In Zweden vind je deze voornamelijk aan de westkust bij de provincie Bohüslan en in het oosten vanaf Stockholm tot in de Oostzee. Daar liggen duizenden kleine eilandjes, bewoond en onbewoond, die je alleen maar via het water kunt bereiken.

Juni – Haring
In Nederland zijn we er dol op, maar de Zweden doen aan haring eten 2.0. Als in juni de nieuwe haring gevangen is, wordt deze gemarineerd in allerlei sausjes. Denk aan mosterd, dille en rode bieten. Met feestdagen eet je het dan op een sneetje roggebrood. En dan is er nog ‘surströmming’; gefermenteerde haring. Wereldwijd bekend als één van de smerigste gerechten. Er wordt aangeraden om het blik met de vis buiten te openen omdat de doordringende lucht anders nog maanden in je huis blijft hangen…

Augustus – Paardje uit Dalarna
Ik denk dat iedereen die wel eens in Zweden is geweest dit paardje herkent: de Dalahäst. Häst is het Zweedse woord voor paard en Dala wil zeggen dat het uit de streek Dalarna (in het westen/midden van het land) komt. Daar maakten, aan het eind van de middeleeuwen, de boerenvaders houten speelgoedpaardjes voor hun kindertjes. Andere kindertjes wilden de paardjes ook hebben en zo groeide het eerst tot ruilmiddel en later uit tot symbool van Dalarna en heel Zweden.

Oktober – Zweeds design & Abba
Alles, ok bijna alles, ziet er mooi uit in Zweden. Zo ongeveer elk restaurant of broodjeszaak ziet er uit alsof het uit een woontijdschrift komt. De beste design klassiekers komen wat mij betreft dan ook uit Zweden (en Denemarken). Wat denk je van deze stoel, ontworpen door Yngve Ekström in de jaren zestig? Of van die toffe lamp van Poul Henningsen? En zo’n retro interieur is natuurlijk niet compleet zonder een beetje Abba op de radio.

December – Tomtes
Een tomte (of nisse) is soort van Scandinavische kabouter-elf, volgens folklore de ziel van de eerste bewoner van de boerderij. Ze zijn maximaal 90 cm hoog, de mannetjes hebben een lange witte baard en dragen een rode (punt) muts. Met kerst komen er speciale juletomtes, waarvoor er wat lekkers in de kerstboom of bij de schoorsteenmantel wordt gehangen.

Hoewel ik met pijn in mijn hart onze tomtes weer bij de kerstspullen heb opgeborgen, vind ik het nu wel fijn dat het nog bijna een heel jaar duurt totdat het weer kerst. Het gerucht gaat namelijk dat we deze zomer weer naar Zweden op vakantie gaan. Ik kan niet wachten 🙂

In de webshop staan nog een paar kalenders, mocht je em nog niet aan de muur hebben hangen en dat wel graag willen.